Skip to content Skip to sidebar Skip to footer

Uniek één-tweetje bezorgt Biotech Campus Delft nieuwe bedrijfsnoodorganisatie

Als de juiste partijen de handen ineen slaan, zijn mooie oplossingen voor veiligheidsvraagstukken mogelijk. Een fraaie illustratie daarvan is de Biotech Campus Delft, een bedrijvencluster gericht op innovatieve biotechnologie onder facilitair beheer van DSM. DSM schakelde het Haagse HBO Safe in voor hulp bij het opbouwen, opleiden en trainen van de nieuwe bedrijfsnoodorganisatie. De samenwerking resulteerde in september 2021 in een gelijktijdige certificering van het nieuwe first responder bno-team én HBO Safe. Een uniek één-tweetje.

De Biotech Campus Delft is een bedrijventerrein met geschiedenis. Van oudsher is het terrein bekend van de gistfabriek, die tot 1998 opereerde onder de naam Gist Brocades. Na overname van de fabriek door DSM in dat jaar, groeide het terrein in de daarop volgende decennia uit tot een omvangrijke campus met een grote variëteit aan bedrijven. Grote activiteiten onder de DSM-vlag zijn onder andere de productie van gist, DSM Food & Beverage business en DSM’s Biotechnology Center. Daarnaast is op het terrein Centrient Pharmaceuticals gevestigd en zijn er tientallen kleinere innovatieve bedrijfjes en startups bij Planetb.io. Die zijn onder andere gericht op het bevorderen van een duurzame voedingsindustrie en andere biotech toepassingen. Op het terrein werken ruim 1500 mensen.

Veiligheid altijd centraal

In de 150-jarige geschiedenis van DSM en zijn voorgangers heeft veiligheid altijd centraal gestaan. Vandaar ook de serieuze inzet en continue zoektocht naar verdere verbeteringen op dat gebied, getuige het innovatieve karakter van de bedrijfsnoodorganisatie. Vanwege de aanwezigheid van verschillende gevaarlijke stoffen valt het terrein in Delft onder de ‘lage drempel’ Brzo-regelgeving. DSM voert het facilitair beheer over het terrein en is ook verantwoordelijk voor het optimaal functioneren van de bedrijfsnoodorganisatie. Die heeft de afgelopen twee jaar een forse upgrade ondergaan.

Heroriëntatie op interne noodorganisatie

Op de campus was tot 2020, vanwege het werken met gevaarlijke stoffen, een bhv+ organisatie actief met onder andere chemiepakdragers. Die organisatie ontstond na opheffing van de van oudsher aanwezige bedrijfsbrandweer in 2000. Veranderende omstandigheden noopten tot een heroriëntatie op de interne noodorganisatie, opleiding en kwaliteitsborging. Arnold van Erp, veiligheidskundige en manager bedrijfsnoodorganisatie, schetst de aanleiding en de gevolgde aanpak.

“Bij afschaffing van de bedrijfsbrandweer in 2000 werden samenwerkingsafspraken gemaakt met de brandweer van Delft, nu onderdeel van de Veiligheidsregio Haaglanden. Een van de afspraken was dat de overheidsbrandweer de brandbestrijdingstaken op het terrein zou overnemen. Omdat de brandweerkazerne van Delft bijna om de hoek van de campus ligt, kan binnen enkele minuten een eerste eenheid op elke plek op het terrein aanwezig zijn. Dat we voor onze interne eerste respons niet voldoende hadden aan een standaard bhv-organisatie was evident. We hebben op het terrein verschillende complexe fabrieken, waar ook op hoogte wordt gewerkt, alsmede opslag van gevaarlijke stoffen. In het bijzonder zoutzuur, zwavelzuur en ammonia.”

Op basis van die mogelijke scenario’s met gevaarlijke stoffen is een bhv+ organisatie gevormd, met chemiepak- en ademluchtdragers. Ook redding van mensen op hoogte en uit besloten ruimten werd een specialisatie van het team. Van Erp: “Met Brandweer Delft-Haaglanden sloten we in 2000 een contract voor het verzorgen van opleiding en training van onze bedrijfshulpverleners. Voor het bhv+ team, maar ook voor de standaard dagdienst-bhv in de kantoorgebouwen, die alleen eerste hulp en ontruiming als taken heeft.”

Maatwerk voor kwaliteitsborging

In 2019 beëindigde de Veiligheidsregio Haaglanden het contract, waardoor Van Erp op zoek moest naar een nieuwe oplossing. “We waren ook toe aan een herijking van de noodorganisatie en aan het beter waarborgen en juridisch onderbouwen van de kwaliteit van opleiding en training. Kort samengevat wilden we naar een nieuwe maatwerkorganisatie, afgestemd op ons risicoprofiel. Ook de certificering van de opleidingen en het werken met ademlucht en chemiepakken wilden we goed geregeld hebben. Daarvoor hebben we zelf de kennis en kunde niet in huis. Maar in HBO Safe veiligheidstrainingen in Den Haag vonden we een enthousiaste en deskundige partner om ons te ondersteunen.”

Gezamenlijk groeitraject

De ontwikkeling en training van de bedrijfsnoodorganisatie via het first responder bno-model werd een gezamenlijk groeitraject voor beide bedrijven. DSM zocht een trainingslocatie waar reële incidentscenario’s, zoals het redden op hoogte en vanuit besloten ruimten, konden worden beoefend. Maar die waren bij de aanvang van het traject bij de genoemde opleider niet aanwezig. Daarnaast was het Haagse trainingscentrum zelf nog bezig met zijn certificeringstraject voor first responder bno bij NIBHV.

“De opdracht van DSM om te ondersteunen bij de ombouw van bhv+ naar een gecertificeerd first responder bno-team, was voor de opleider een stimulans om fors te investeren”, licht NIBHV-directeur Koos Pulleman toe. Op basis van de behoeften van DSM bouwde het bedrijf een containerbaan met gestapelde containers, waarin uiteenlopende binnenscenario’s konden worden getraind. Zoals redding uit besloten ruimten via mangaten en het werken met reddingssystemen met lijnen en takels. De bedrijfsnoodorganisatie voor de Biotech Campus Delft was in feite de eerste grote opdracht voor HBO Safe. Opdrachtgever en opdrachtnemer trokken samen op in het ontwikkel- en groeitraject. Pulleman: “Op 20 september 2021 konden we het voltooide opleidingstraject op een mooie manier afsluiten met de gelijktijdige uitreiking van opleidingscertificaten voor het nieuwe first responder bno-team én de erkenning first responder bno voor de opleider. Zo’n gelijktijdige certificering komt niet vaak voor.”

Arnold van Erp
Arnold van Erp: “HBO Safe verdiepte zich goed in ons terrein en onze organisatie.”

Van Erp vult aan: “HBO Safe heeft zich goed verdiept in onze specifieke opleidings- en trainingsbehoeften en was bereid hiervoor ver te gaan en extra faciliteiten te realiseren. Samen hebben we iets heel moois tot stand gebracht.”

Organisatie

Dat gerealiseerde ‘moois’ is in overeenstemming met de ambities van DSM voor de transitie van bhv+ naar een moderne maatwerkorganisatie. Behalve een deel van de zittende medewerkers, zijn ook flink wat nieuwe medewerkers geworven. Deelname aan de bedrijfsnoodorganisatie geschiedt op vrijwillige basis. Omdat een deel van het bhv+ team al in dienst was sinds de opheffing van de bedrijfsbrandweer, was de gemiddelde leeftijd van het team hoog en kon de bedrijfsnoodorganisatie wel een verjonging gebruiken.

Van Erp: “Nu hebben we een frisse pool met vijftig opgeleide en gecertificeerde first responders bno, die voldoen aan vastgestelde certificeringsnormen voor vakbekwaamheid. In de dagelijkse omgangstaal spreken we nog wel eens van bhv+, dat moet slijten. Vanuit de pool zorgen we 24/7 voor een snel inzetbaar first responder bno-team, dat beschikt over een uitrukvoertuig met de op de taken toegesneden uitrusting. Bij de samenstelling van de responsploegen zorgen we ervoor dat steeds één lid afkomstig is van DSM en één van Centrient. De fabrieken liggen aan weerszijden van de spoorlijn die het terrein van de campus doorsnijdt. Door dit ‘evenwicht’ in de teambezetting zorgen we ervoor dat continu terreinkennis van beide zijden van het spoor in het responsteam aanwezig is. Essentieel voor een snelle en soepele inzet.”

Taken

De taken van de nieuwe noodorganisatie beperken zich tot wat een tweekoppig responsteam qua eerste inzet kan behappen. Het team is voor wat betreft kennis en uitrusting toegerust voor het verrichten van een snelle grijpredding bij incidenten met gevaarlijke stoffen, eerste maatregelen bij lekkage en het redden van personen uit besloten ruimten en op hoogte. Brandbestrijding is geen taak van de bno. Die taak berust bij de overheidsbrandweer, die sowieso bij elke oproep voor hulpverlening ter plaatse komt.

First responders bno DSM Delft
First responders bno maken zich gereed voor inzet. (Foto: DSM)

Van Erp: “Brandweer en bedrijfsnoodorganisatie treden in principe gezamenlijk op. Vanwege de specifieke kenmerken en risico’s van de gebouwen op de campus, waaronder laboratoria en procesinstallaties, is de afspraak dat de brandweer niet zelfstandig naar binnen gaat. Na een noodoproep via ons interne alarmnummer worden gelijktijdig meerdere hulpverleningsschakels gealarmeerd: onze eigen noodorganisatie, de ‘blauwehelmdrager’ met gebouw- en proceskennis van de bewuste locatie, de overheidsbrandweer, eventuele andere benodigde hulpdiensten en de bedrijfsbeveiliging. Die laatste zorgt voor opvang en gidsing naar de bewuste locatie. Ter plaatse stemmen we dan de taken en aanpak af, afhankelijk van het scenario.”

Wisselwerking

De ondersteuning is een wisselwerking waarbij brandweer en bno elkaar nodig hebben, verduidelijk Van Erp nog. Bij brandbestrijding levert de bno ‘reduceerkleppen’ voor de hydranten op het bedrijfsbluswaternet, omdat de druk op dat net te hoog is voor de pompen van de brandweervoertuigen. Anderzijds beheert de brandweer de chemiepakken voor de inzet van de first responders. “Dat scheelt ons weer veel inspanning die we anders zouden moeten besteden aan beheer en onderhoud volgens de certificatienormen. Op deze manier vullen we elkaar wederzijds aan.”

Koos Pulleman
NIBHV-directeur Koos Pulleman (links) bekijkt de uitrusting van het first responder bno-team.

Finetunen

Nu de nieuwe bedrijfsnoodorganisatie staat, is de focus gericht op de volgende stap: het intensiveren van de samenwerking met de brandweer, onder andere via gezamenlijke oefeningen. Van Erp: “Dat is er de afgelopen twee jaar nog niet van gekomen. Ik wilde eerst de transitie naar de nieuwe bno intern goed afronden. In die fase komen we nu, zodat we de puntjes op de i kunnen zetten. We werken nog aan het finetunen van ons oefenschema, dat voorziet in vier scenario-trainingen per jaar op ons eigen terrein. Bij iedere training kiezen we een ander maatgevend scenario: grijpredding bij een incident met gevaarlijke stoffen, lekkage of redding uit besloten ruimte of op hoogte. Verder moeten we ook alle scenario’s, protocollen en werkwijzen nog helder beschrijven in ons bedrijfsnoodplan.” RJ//

the Kick-ass Multipurpose WordPress Theme

© 2024 Kicker. All Rights Reserved.