Skip to content Skip to footer

Bij Odido doet bhv ook aan preventie

Bij ernstige incidenten zoals branden en hartaanvallen kunnen de meeste medewerkers in ons land terugvallen op een geoliede bedrijfshulpverleningsorganisatie. Maar betekent dit dat die bhv pas in actie komt bij code oranje of rood? Niet bij telecombedrijf Odido. Hier hebben de bedrijfshulpverleners ook oog voor preventie.

Donderdagmiddag 13:00 uur bij het kantoor van Odido in Arnhem. We zien een modern gebouw met een grote open ruimte. Geen tanks met explosieve stoffen, geen mannen op hoge ladders, geen pallets met licht ontvlambare materialen. In plaats daarvan werken hier medewerkers in het klantcontactcentrum. Sommigen zitten met hun headset op, in gesprek met klanten. Anderen drinken even een kop koffie. Niets dat een gemiddelde bhv’er ongerust zou maken.

En volgens Human Well-being Manager Mariska Kamps is die indruk gedeeltelijk juist. “De voornaamste risico’s zie je hier op het gebied van ergonomie, gewoon omdat mensen vooral zittend beeldschermwerk doen. Het zal niet zo snel gebeuren dat apparatuur oververhit raakt, want die wordt allemaal netjes onderhouden. En gevaarlijke stoffen zie je hier al helemaal niet, dus qua brandveiligheid zit het hier goed.”

Mariska Kamps en John Rombouts zijn bij Odido verantwoordelijk voor de bhv.

Elke shopmanager is verantwoordelijk voor de bhv

Maar dat betekent zeker niet dat een bhv’er hier niets te doen heeft. Ten eerste is dat kantoor in Arnhem maar een van de vele Odido-locaties. “Er is nog een ander groot kantoor in Den Haag”, vertelt Kamps. “En bovendien hebben we verspreid door het hele land niet alleen netwerklocaties, maar ook 119 shops. Elke shopmanager is in de shop verantwoordelijk voor de bhv, samen met de assistent-shopmanager. Natuurlijk, bij een eventuele brand heb je de medewerkers en de klanten vrij snel naar buiten, maar juist zo’n winkel kent weer andere veiligheidsrisico’s. Stel dat een van die klanten heel erg boos en agressief is: dan gaat die waarschijnlijk eerder naar een shop dan naar een van onze kantoren. En bovendien kan zo’n filiaal natuurlijk ook te maken krijgen met een overval. Ook in dat soort situaties moet je dus denken aan ontruiming: de medewerkers moeten zo’n pand dan via de achterkant kunnen verlaten.”

Kleinere incidenten

Bovendien – ondanks een relatief jong personeelsbestand – kunnen mensen plotseling te maken krijgen met ernstige gezondheidsklachten. Luister bijvoorbeeld naar Kamps’ collega, Facilitair Manager John Rombout. “Op een andere vestiging hebben wij een keer een medewerker gehad die van het ene op het andere moment op de grond viel. Wat bleek? In je hersenstam schijn je vier bloedkanalen te hebben en een daarvan was gaan lekken. Gelukkig hebben zijn collega’s onmiddellijk de bhv ingeschakeld en die heeft het slachtoffer meteen in een stoel naar beneden gerold en de ambulance gebeld. Anders was die man er waarschijnlijk niet meer geweest.”

Een bhv’er krijgt volgens Rombout vooral te maken met kleinere incidenten. “Af en toe kan het natuurlijk gebeuren dat er een lift defect raakt en dat iemand zit opgesloten. Dat is geen levensbedreigende situatie, maar als dit lang duurt kan het wel vervelend worden. Sterker nog: dan kunnen mensen in paniek raken en gaan hyperventileren. Deze klachten, evenals paniekaanvallen of spanningsklachten, vallen ook binnen de scope van onze bhv’ers. Het gebeurt wel eens dat iemand daar zo benauwd van wordt dat er een oproep uitgaat naar de bhv.”

Bhv en preventie

Hiermee komen we op een interessante vraag: moet een bhv’er zich ook bezighouden met preventie? Volgens Kamps wel. “Stel dat mensen zo gestrest raken dat ze gaan hyperventileren of een paniekaanval krijgen. Dan kun je daar natuurlijk een bhv’er naar toe sturen die de medewerker goed kan opvangen en begeleiden om weer rustig te worden. Maar het is ook verstandig om het probleem aan te pakken bij de bron, bij die stressoren dus. Iets dergelijks zie je ook bij ontruimingen. Dan wil je niet dat de vluchtroutes worden geblokkeerd door tijdelijke obstakels, zoals snoeren of een verkeerd geplaatste rugzak. Daarom verwachten we dat al onze bhv’ers hier bij elke verplaatsing door het gebouw op letten en dat ze mensen hier zo nodig op wijzen. Nee, dat vind ik geen rol van de veiligheidskundige, dat is echt iets voor een bhv’er.”

Overleg met de brandweer

Een preventieve rol van de bhv’er, daarbij hoort ook: overleg met de brandweer. En zo’n overleg voert Rombout regelmatig. “Laatst hebben we de brandweer uitgenodigd voor een rondgang in ons pand in Den Haag. Over het algemeen was alles in orde, maar wij hadden wel een vraag voor hen. Je moet weten, dat pand beschikt over diverse torens, met ieder een eigen trappenhuis en bijbehorende vluchtroute. En in de D-Toren is ‘het uitje’, het groene bordje dat de vluchtroute aangeeft, gericht naar de liften. Dat betekent dat de mensen in geval van nood zullen vluchten via de E-Toren, een toren van een ander gebouw dus, met een eigen brandcompartiment. Dat is op dit moment geen groot probleem, omdat we nu geen overvolle torens meer hebben. Maar je wilt natuurlijk niet dat je vluchtgang wordt vertraagd, doordat er te veel mensen dezelfde route nemen. Dus dat houden we kritisch in de gaten.”

In de gaten houden. Dat geldt ook voor het design van eventuele nieuwe gebouwen. “Mensen die aan de designkant zitten, denken niet altijd na over de brandveiligheid”, zegt Rombout. “Dat is hun rol ook niet, dat is de onze. Dus zullen we hun plannen altijd kritisch bekijken. Ik laat ze presenteren, en bij ingewikkelde concepten nodig ik een expert uit die zijn vinger kan leggen op de zwakke plekken. Laatst kregen we de opdracht om de branding te wijzigen van T-Mobile/Tele2 naar de nieuwe brand Odido. In deze presentatie waren wat verbeterpunten te benoemen, zodat de verbouwing uiteindelijk voldeed aan de huidige gebruikersvergunning.”

Buddy’s voor bijzondere doelgroepen

En nu we het toch over de vestiging in Den Haag hebben: die beschikt over een Barista Corner en die vergt van de bhv-organisatie wat extra aandacht. “De Corner wordt beheerd door een externe organisatie en daar werken enkele doven en slechthorenden”, vertelt Kamps. “Bij een eventuele brand zullen die het alarm niet horen, dus is het belangrijk dat de directe collega’s hen daarop attent maken. Daarnaast hebben we nog andere bijzondere doelgroepen in onze organisatie. Zo zijn sommigen van onze medewerkers blind of slechtziend, en voor hen is het lastiger om de vluchtwegen te volgen. Daarom hebben die allemaal een buddy, een collega die hen bij een eventuele calamiteit zal helpen om veilig buiten te komen. Ook die buddy’s leveren dus een bijdrage aan onze bhv.” PP//

Reageer op dit artikel

the Kick-ass Multipurpose WordPress Theme

© 2024 Kicker. All Rights Reserved.