Als vitale dienstverlener voor samenleving en economie neemt Rabobank haar verantwoordelijkheid om de organisatie crisisbestendig en weerbaar te maken. Maar in dat streven gaat de bank nog een stap verder: medewerkers, leden en klanten worden gestimuleerd om ook mee te werken aan een weerbare eigen woonomgeving. “Er zit veel kracht en potentie in mensen en die willen we mobiliseren en verbinden.”
Vanaf de 25ste etage in het iconische hoofdkantoor van Rabobank Nederland in Utrecht, zie je dat de bijnaam ‘verrekijker’ in twee opzichten goed gekozen is. Enerzijds door de vormgeving van de twee geschakelde ronde torens aan de Croeselaan, anderzijds door het weidse uitzicht.
Grote delen van Midden- en West-Nederland kun je vanaf hier bij helder weer zien, inclusief de drie andere ‘majeure steden’, verzekeren specialist Continuïteit Ben Nagel en projectmanager Resilience Hermen de Groot. Een gebied met miljoenen inwoners en talloze bedrijven, voor wie een betrouwbaar betalingsverkeer essentieel is.
Rabobank is wereldwijd actief en ziet internationaal een toename van dreigingen en onstabiliteit. De bank wil niet alleen haar eigen organisatie en medewerkers daar goed op prepareren, maar wil ook bijdragen aan een samenleving die in crisistijd tegen een stootje kan en zichzelf kan redden.
Beschikbaar stellen van reservisten
Dat Rabobank weerbaarheid en veerkracht serieus neemt, bleek in juni dit jaar. Toen tekende de bank een overeenkomst met Defensie om de beschikbaarstelling van reservisten voor de krijgsmacht te verbeteren. Rabobank-medewerkers die reservist bij Defensie zijn of willen worden, krijgen tien extra verlofdagen, zodat zij op werkdagen kunnen deelnemen aan oefening en training.

De bank onderzoekt of ook met andere vrijwilligersorganisaties die zorg en hulpverlening leveren, zoals het Nederlandse Rode Kruis, soortgelijke convenanten kunnen worden afgesloten. Als grote werkgever, met in Nederland circa 30.000 medewerkers, wil Rabobank zo bijdragen aan de veiligheid en continuïteit in Nederland.
Projectorganisatie bij Rabobank
Hermen de Groot is sinds 2024 projectmanager Resilience bij Rabobank; de linking-pin in een projectorganisatie met als doel de weerbaarheid van de bank, haar medewerkers en klanten te verstevigen. De Groot: “Weerbaarheid staat bij Rabobank stevig op de agenda, nadat we in 2025 met onder andere het ministerie van Justitie en Veiligheid, de NCTV, TNO en instituut Clingendael een conferentie over dit thema hebben georganiseerd. Aanleiding was de vraag hoe we als bedrijfsleven, overheid en maatschappij de handen ineen kunnen slaan om beter voorbereid te zijn op noodsituaties nu er in de wereld zoveel gebeurt.”
“Er zijn geopolitieke dreigingen, er woeden oorlogen aan de rand van Europa en er is de dreiging van hybride en cyberaanvallen en langdurige stroomstoringen, ook als gevolg van klimaatverandering en extreem weer”, vervolgt De Groot. “Die crisisscenario’s kunnen ook onze organisatie en digitale infrastructuur treffen. Banken zijn een vitale schakel om de maatschappij draaiende te houden. Je moet er bijvoorbeeld niet aan denken wanneer de pinautomaten het een aantal dagen niet meer zouden doen. Naar aanleiding van die conferentie hebben we bij Rabobank het project Resilience opgestart.”
Drie niveaus van weerbaarheid
“Rabobank onderscheidt drie niveaus van weerbaarheid”, vult Ben Nagel, specialist Continuïteit, aan. In zijn rol maakt hij beleid voor fysieke safety en security. Daarnaast is hij ook verantwoordelijk voor de bedrijfshulpverlening. “Als bank zijn we met onze interne noodorganisatie natuurlijk primair gericht op de continuïteit van onze processen, omdat we met onze diensten een vitale schakel zijn in de samenleving, voor burgers en bedrijven.”
“Maar behalve op dat eerste niveau willen we als werkgever ook goed zorgen voor onze medewerkers. Daarom investeren we ook in hun individuele weerbaarheid, door ze adviezen en tools aan te reiken om in hun thuissituatie beter voorbereid te zijn op crises. Het derde niveau is de lokale samenleving waar onze mensen wonen. Wij stimuleren dat mensen zich ook in hun woonomgeving inzetten om, samen met anderen, te zorgen voor de zelf- en samenredzaamheid van hun gemeenschap in crisistijd.”

Lokale netwerken en initiatieven
Dat is precies het model waarvoor de Rijksoverheid en de veiligheidsregio’s met het programma Versterking maatschappelijke weerbaarheid staan. De kernboodschap: in een omvangrijke en langdurige crisissituatie, zoals uitval van vitale diensten en nutsvoorzieningen, kunnen mensen niet exclusief op hulp van de overheid rekenen. Dus moeten burgers, bedrijven en lokale overheden samen investeren in lokale weerbaarheidsnetwerken om minimaal 72 uur te kunnen voorzien in de meest noodzakelijke behoeften.
Een model dat op sommige plekken al concreet van de grond komt. Hermen de Groot beschrijft een initiatief in zijn eigen woonplaats Wijk bij Duurstede. “Ik heb daar samen met buurtbewoners een buurtgroep opgestart, waarin we onderzoeken hoe we elkaar als buren kunnen helpen en bijstaan als in crisistijd bepaalde diensten of voorzieningen wegvallen en traditionele hulporganisaties minder beschikbaar zijn. In welke middelen en noodvoorraden moeten we voorzien en wat kunnen we voor huishoudens betekenen? Deze vraag verbindt bewoners in de buurt, waardoor we een kleinschalig resilience-netwerkje kunnen bouwen.”
De Groot heeft nog een tweede voorbeeld: “In Doorn is ook een burgerinitiatief gestart. Ik ben in gesprek om te kijken of we op basis van deze buurtinitiatieven tot een toolkit kunnen komen, die we aan onze klanten, leden en medewerkers kunnen aanbieden om zelf ook dergelijke initiatieven te starten. De essentie van resilience zit in mijn beleving echt in zulke maatschappelijke netwerken van betrokken burgers en bedrijven die voor zichzelf én voor elkaar zorgen.”
Visie NIBHV op weerbaarheid
Een visie en model waarin ook het NIBHV met zijn achterban van 300.000 hulpverleners zich herkent. Daarom volgt NIBHV-directeur Koos Pulleman met interesse hoe Rabobank zijn rol als werkgever én als maatschappelijk betrokken onderneming pakt om de weerbaarheid van organisatie en samenleving te versterken.
Pulleman: “Dat Rabobank dit voortvarend oppakt, strekt tot voorbeeld. Het sluit aan bij onze eigen ambitie om bedrijfshulpverleners met kennis en verantwoordelijkheidsgevoel van meerwaarde te laten zijn voor hun woonomgeving, bij kleine incidenten én grootschalige crises. Maar het ontbreekt nog aan tools en structuur om die lokale initiatieven op weg te helpen. Want hoe doe je dat in de praktijk nou met elkaar?”
Het NIBHV heeft een whitepaper opgesteld over weerbaarheid en de rol van bhv’ers in de eigen organisatie en in de lokale samenleving. Maar iedereen is nog zoekende naar hoe je zo’n weerbaarheidsnetwerk met elkaar moet opzetten en invullen. Pulleman: “Het is daarom goed dat sommige bedrijven dit nu al oppakken en met concrete initiatieven ervaring op gaan doen, zoals Rabobank. Die ervaringen kunnen dienen als houvast voor initiatieven van bedrijven en instellingen en in de samenleving in brede zin.”
Weerbaarheidsplannen Rabobank
Ondertussen werkt Rabobank, in het verlengde van de eigen noodorganisatie, zijn resilience-plannen voor de organisatie uit. Hoewel in het digitale tijdperk lang niet ieder dorp en elke stad meer een eigen bankkantoor heeft, is de bank nog steeds actief op 78 kantoorlocaties, verspreid door het land. Daarnaast zijn er drie hoofdvestigingen: het hoofdkantoor in Utrecht en twee datacenters in Best en Boxtel.
De organisatie staat hoog op de prioriteitenlijst van te beschermen vitale diensten en infrastructuren in Nederland en leunt daarom stevig op een robuuste interne safety- en security-organisatie, waaronder 2000 bedrijfshulpverleners. Maar in crisistijd is in feite elke medewerker hulpverlener, op het werk én thuis.

Bescherming betalingsverkeer
Over de noodzaak om de financiële dienstverlening en het geldverkeer te beschermen en te borgen, ook in crisistijd, zegt Hermen de Groot: “Je hebt een sterke economie nodig om weerstand te bieden tegen de effecten van een crisissituatie. Banken spelen een centrale rol in de economie, dus het is belangrijk dat het betalingsverkeer zo lang mogelijk blijft draaien. Een van de redenen waarom Oekraïne zo lang stand houdt in de oorlog met Rusland, is dat het bankensysteem het, ondanks alle aanvallen op de energie-infrastructuur, zo lang volhoudt.”
Om die dienstverlening te beschermen en te waarborgen, heeft de bank zijn eigen vitale infrastructuur in sterke mate redundant uitgevoerd, onder andere door haar informatiehuishoudings- en ICT-processen te spreiden over twee datacenters die onafhankelijk van elkaar werken. Valt één datacenter uit, dan neemt de tweede locatie die processen zonder verstoringen over. De datacenters hebben ook een betrouwbare noodstroomvoorziening, met voldoende brandstofvoorraad om langere tijd onafhankelijk van het openbare elektriciteitsnet te kunnen functioneren.
Veerkracht bij medewerkers
Om de kritische processen van het bankbedrijf in crisistijd draaiende te houden, wordt ook veerkracht gevraagd van de medewerkers. Dat is volgens Hermen de Groot waar resilience-maatregelen in het bancaire proces en in de privésfeer elkaar raken: “Als je in crisistijd wil kunnen bouwen op een kernteam van mensen die de belangrijkste processen moeten blijven waarborgen, moeten die medewerkers geen zorgen hebben over het thuisfront en over de vraag of het daar voor hun gezin wel goed geregeld is. Daarom stimuleren en faciliteren we ze met tips en adviezen om resilience ook thuis in de praktijk te brengen. Dan zijn ze ‘ontzorgd’ op het moment dat ze een rol te spelen hebben in onze crisisorganisatie.”
Overal elders ook initiatieven
In heel Nederland zijn lokale overheden, veiligheidsregio’s, bedrijven en maatschappelijke instanties aan de slag met de opdracht om bij te dragen aan een ‘weerbaarheidsnetwerk’, al dan niet vanuit lokale resilience-steunpunten van waaruit hulp aan kwetsbare groepen kan worden geregeld en waar basale hulp- en dienstverlening beschikbaar is. Geleverd door mensen uit alle maatschappelijke geledingen, mét en zonder kennis van hulpverlening en crisisbeheersing, maar die elkaar kunnen aanvullen als ze binnen een structuur kunnen samenwerken.
Een model dat Ben Nagel tot besluit mooi samenvat met de woorden: “Echte weerbaarheid ontstaat niet omdat de overheid in actie komt, maar omdat mensen ontdekken wat ze met hun kennis en kunde samen kunnen doen.”