Jeugdbrandweer: ‘Ultieme kweekvijver voor brandweerkorpsen’

Het opleiden van een veiligheidsbewuste generatie begint bij de jeugd. Dat hebben ze goed begrepen bij de 156 jeugdbrandweerploegen die Nederland telt. Het zijn niet alleen kweekvijvers voor de veiligheidsregio’s om aan nieuwe brandweerlieden te komen, de jeugdbrandweerlieden nemen de opgedane eerstehulpverlening en basale bhv-kennis ook mee de samenleving in. Dat maakt ze in feite veiligheidsambassadeurs en daarom kunnen jeugdbrandweerlieden een bhv-certificaat van het NIBHV ontvangen.

Op 16 juni sloten het NIBHV en Brandweer Nederland hiervoor een nieuwe samenwerkingsovereenkomst af. Deze overeenkomst werd ondertekend door voorzitters Marcel Jonkman van Jeugdbrandweer Nederland en Jolanda Trijselaar van Brandweer Nederland en NIBHV-directeur Koos Pulleman. Natuurlijk ontbrak de traditionele meter cake niet, kenmerkend bij het markeren van bijzondere momenten in de samenwerking van het NIBHV met partnerorganisaties. De bijeenkomst was in de brandweerkazerne van Geldermalsen, waar de coördinatoren van de 25 regionale jeugdbrandweerkorpsen bijeenkwamen om nieuwe ontwikkelingen binnen de jeugdbrandweer te bespreken.

Jolanda Trijselaar, Marcel Jonkman en Koos Pulleman ondertekenen de nieuwe samenwerkingsovereenkomst.
Foto: Rob van Dalen

Hoe is de jeugdbrandweer georganiseerd?

De jeugdbrandweer is een kweekvijver voor toekomstige brandweerlieden. Binnen de 25 veiligheidsregio’s zijn er 156 ploegen met in totaal circa 3000 jeugdleden. Al sinds het verre verleden kent de brandweer jeugdkorpsen, met als doel de jonge generatie van 12 tot 18 jaar bekend te maken met de brandweerwereld en aan nieuwe aspiranten te komen. De jongeren leren gestructureerd werken in teamverband onder leiding, krijgen al de nodige basale kennis van het brandweerwerk en brandveiligheid, en leren op hun eigen niveau de kneepjes van verkenning, redding en brandbestrijding bij binnenbranden. Met net als bij de volwassen collega’s elementen van informatievergaring, beslisvaardigheid, commandovoering en communicatie. Tijdens oefeningen en wedstrijden brengen zij de opgedane kennis in de praktijk.

De jeugdbrandweer kent twee categorieën: junioren in de leeftijd van 12 tot 14 jaar en aspiranten in de leeftijdsgroep 15 tot 18 jaar. Vooral in die tweede groep krijgen de jeugdbrandweeractiviteiten echt het karakter van voorbereiding op een toekomstige brandweercarrière in beroeps- of vrijwillige dienst.

Wat doet de jeugdbrandweer?

Complexe taken die de volwassen collega’s uitvoeren, zoals technische hulpverlening met redgereedschap en brandbestrijdingsinzet met ademlucht, zijn voor de jeugd niet weggelegd. Maar de afgelopen tien tot vijftien jaar is de jeugdbrandweer wel aanzienlijk gemoderniseerd en geprofessionaliseerd en daarmee veel dichter bij de echte brandweerpraktijk gekomen, schetst Marcel Jonkman, voorzitter van Jeugdbrandweer Nederland, de landelijke branchekoepel voor de jeugdbrandweer.

Marcel Jonkman: “Door de nieuwe leerlijn zijn jeugdbrandweerlieden die willen doorstromen sneller inzetbaar in de ‘echte’ brandweerpraktijk.”

“Van oudsher, in de jaren 60 en 70, hadden jeugdkorpsen een puur gemeentelijk karakter en waren de uitrusting en materialen waarmee zij moesten werken zeer beperkt, afhankelijk van het belang dat gemeenten eraan hechtten en van de beschikbare financiële middelen. Dat is tegenwoordig heel anders: de jeugdbrandweer is volledig geïntegreerd in de brandweerkorpsen van de 25 veiligheidsregio’s en de regio’s maken ook gericht beleid voor de jeugdbrandweer. Met als reden dat het jeugdcontingent de ultieme kweekvijver is voor brandweercorpsen. Bij veel brandweerposten met een jeugdbrandweer bestaat gemiddeld een derde van de uitrukdienst uit voormalige jeugdleden die na hun achttiende zijn doorgestroomd naar de ‘echte’ brandweer. Het levert de brandweerposten op een relatief gemakkelijke manier enthousiaste nieuwe jonge collega’s op.”

Nieuwe leerlijn

En de professionalisering van de jeugdbrandweer gaat in rap tempo door, vertelt Marcel Jonkman. “Nieuw is dat jeugdbrandweerlieden vanaf nu de nieuwe aspirantenleergang kunnen volgen, die naadloos aansluit op de leergang Manschap 3.0-Brandbestrijding van de NIPV voor de volwassen brandweer. Omdat ze al tijdens hun jeugdbrandweerjaren de les- en leerstof van die volwassenenleergang tot zich nemen, zijn de aspiranten op hun achttiende veel sneller klaar om door te stromen.”

Dat is volgens Jonkman zeer gunstig voor de veiligheidsregio’s, die zich steeds meer moeten inspannen om nieuwe brandweervrijwilligers te werven. Voordeel van deze aanpak is ook dat de jongeren, bij het bereiken van hun achttiende levensjaar, niet meer de volledige brandweeropleiding hoeven te volgen als ze daadwerkelijk in de praktijk willen doorstromen.

Een jeugdige bevelvoerder vraagt een bhv’er uit over een incident.

“Want heel veel basiskennis hebben zij dan al. Als ze de nieuwe jeugdleergang manschap Brandbestrijding hebben afgerond met een theorie-examen en praktijkopdrachten, hoeven ze voor dat onderdeel in feite alleen nog een meerdaagse realistische training met ademlucht en hittetraining in een praktijkoefencentrum te doen. Deze ontwikkelde leerlijn gaan we vanaf nu aanbieden aan jeugdploegen die hieraan willen meedoen. We verwerken deze leerlijn ook in het wedstrijdprogramma van de jeugdkorpsen, die tegenwoordig net als bij de volwassen brandweer ‘vaardigheidstoetsen’ worden genoemd. In september vinden in Zeeland de eerste landelijke vaardigheidstoetsen in de nieuwe klasse ‘Brandbestrijding’ voor de jeugd plaats.”

Kenmerkend voor deze nieuwe vaardigheidsklasse is dat de jeugdploegen een wedstrijdinzet draaien op de manier zoals ook hun volwassen collega’s dat doen, met gebruikmaking van alle kennis en vaardigheden voor verkenning, gevaarinschatting, herkenning van brandgedrag en keuze voor de juiste brandbestrijdingstactiek. Ook wordt gebruik gemaakt van alle hedendaagse uitrusting en materialen op het blusvoertuig waarmee ook de volwassen brandweer werkt. De nieuwe klasse is een inzet op het niveau van het examen ‘Manschap brand’. Zo maken jeugdleden flink wat extra vlieguren.

Marcel Jonkman vervolgt: “Het is wel aan de individuele veiligheidsregio’s om te bepalen of zij deze leerlijn wel of niet willen afnemen en gebruiken, het is geen must. Maar het belang om via deze lijn een beter geschoolde en voorbereide jonge brandweergeneratie te laten instromen, is evident. Daarom maken we ons er, met de 25 regionale jeugdbrandweercoördinatoren en de hoofden vakbekwaamheid, verenigd in de Vakraad Leren en Ontwikkelen, sterk voor dat alle veiligheidsregio’s aansluiten.”

Samenwerking met NIBHV

Ook dienstbaarheid en hulpvaardigheid als kerneigenschappen maken deel uit van de vorming van nieuwe jeugdbrandweerleden. Alle jeugdleden volgen ook een EHBO- en reanimatiecursus, waarmee zij al op jonge leeftijd de kennis en basisvaardigheden voor eerstehulpverlening en levensreddend handelen opdoen. Kennis die zij ook in hun eigen omgeving kunnen toepassen; binnen het gezin, op school of na hun studie bij een werkgever waar zij aan de slag gaan. Kort samengevat: jongeren die vier tot zes jaar zijn gedrild in veiligheid, hulpverleningstaken en gecoördineerd werken in teamverband, zijn voor werkgevers een zeer waardevolle aanwinst voor hun bhv-organisaties. Dat is waar de samenwerking tussen Jeugdbrandweer Nederland en het NIBHV in beeld komt.

Brandhaard gevonden!

Marcel Jonkman: “Jeugdbrandweer Nederland en het NIBHV hebben al sinds 2014 een overeenkomst voor het certificeren van jeugdbrandweerlieden met brandweer-, eerstehulp- en reanimatiekennis met een bhv-diploma. Omdat de les- en leerstof nu, in samenwerking met het NIPV en NIBHV volledig is vernieuwd, hebben we nu ook onze overeenkomst daarop aangepast en opnieuw ondertekend. De certificering is nu ook volledig afgestemd op de jeugdbrandweeropleiding nieuwe stijl.”

Reactie NIBHV

NIBHV-directeur Koos Pulleman is verheugd over de vernieuwde overeenkomst met de jeugdbrandweerbranche. Hij benadrukt het grote maatschappelijk belang van jongeren die met de basiscompetenties voor bedrijfshulpverlening op zak kunnen bijdragen aan veiligheid in hun omgeving: “Met het bhv-certificaat kunnen jongeren die bij een werkgever aan de slag willen als bedrijfshulpverlener, aantonen dat ze al over de basisvaardigheden beschikken. Dat scheelt een werkgever tijd en geld, want de enige nog benodigde inspanning is een on-site training over bedrijfsspecifieke risico’s, scenario’s en werkwijze om de nieuwe medewerker te integreren in de bhv-organisatie. Goed dat Jeugdbrandweer Nederland hierin zoveel in investeert. De brandweer- en bhv-wereld hebben een gezamenlijk belang: het bevorderen van de veiligheid in de samenleving en adequaat handelen bij incidenten.”

Volgens Pulleman sluit de ontwikkeling uitstekend aan bij de missie van het NIBHV om jongeren enthousiast te maken hun bijdrage te leveren aan die veiligheid, en ze basisvaardigheden aan te leren om hulp te verlenen in noodsituaties. Die kennis en vaardigheden komen goed van pas in een maatschappij waar zelfredzaamheid en weerbaarheid steeds belangrijker worden.

De jeugdopleiding kent elementen van informatievergaring, beslisvaardigheid en commandovoering.

Pulleman: “Mooi dat die competenties in de nieuwe les- en leerstof voor de jeugdbrandweer zijn verwerkt en dat we leden van jeugdkorpsen die dat willen een bhv-certificaat kunnen overhandigen. Dit doen we overigens ook al langere tijd op verzoek van meerdere veiligheidsregio’s voor volwassen brandweerlieden. Een nuttige wisselwerking, waarbij bedrijven op eenvoudige wijze nieuwe bhv’ers in huis krijgen. Als wederdienst zijn ze bereid om hun werknemers bij tijd en wijle af te staan als ze als brandweervrijwilliger onder werktijd worden opgeroepen voor een melding. Voor de overeenkomst met de jeugdbrandweer geldt dat veiligheidsregio’s zich bij ons kunnen melden als ze willen meedoen aan het traject om hun jeugdbrandweerlieden door ons te laten certificeren.”

Leave a comment