Skip to content Skip to footer

Bhv-instructeur Ralph Rikhof: ‘Het mooiste is als het geleerde meteen in praktijk wordt gebracht’

Vijf jaar geleden hakte Ralph Rikhof (40) de knoop door. Hij verruilde zijn loopbaan in de duurzaamheidssector in voor het volledige bhv-ondernemerschap met zijn bedrijf MEDIFIRE. Een logische stap, want al vanaf zijn jeugd is veiligheid de rode draad in zijn leven.

Jij bent echt met EHBO opgegroeid…

“Dat klopt. Mijn ouders gaven vroeger veel EHBO-cursussen via het NIBHV, maar ook het Oranje Kruis. Bij ons thuis lagen er continu allerlei EHBO-materialen op tafel: lesprogramma’s, verbandmaterialen en ook reanimatiepoppen, want die moesten natuurlijk worden schoongemaakt. Ja, ik denk dat ik zo vanaf m’n vijftiende in staat was om iemand te reanimeren, want ik was als kind al met dat soort dingen bezig. En op m’n achttiende heb ik ook het Oranje Kruis-diploma gehaald.”

Kon je al die kennis ook toepassen?

“Jazeker. Ik heb in die tijd veel gedaan voor Event Medical Service. Dan was ik samen met een vriend de EHBO’er bij grote evenementen. Hier kreeg ik geld voor, maar daar moet je je niet te veel bij voorstellen. Het was toch meer een hobby. De sfeer was goed en je kon met elkaar toch wat betekenen voor anderen.”

Je kwam vervolgens bij de brandweer terecht. Hoe is dat zo gekomen?

“Toen ik jong was, was ik zoekende: wat wil ik de rest van m’n leven gaan doen? In die tijd deed ik aan wedstrijdzwemmen op een vrij hoog niveau, en dus dacht ik eerst aan een loopbaan als sportleraar. Toen dat anders liep, oriënteerde ik me op een baan bij Defensie of de politie, maar uiteindelijk ging ik aan de slag bij een installatiebedrijf dat zich bezighoudt met duurzame energievormen. Denk bijvoorbeeld aan zonnepanelen. Dat combineerde ik met werk bij de vrijwillige brandweer, en later kwamen daar ook flexdiensten bij de beroepsbrandweer bij.”

Ralph Rikhof.

Dus je koos niet meteen voor een carrière als bhv-instructeur?

“Dat duurde inderdaad nog even. Op een gegeven moment gingen mijn ouders met pensioen, en toen wilden zij hoogstens nog af en toe een reanimatiecursus geven. Zij vroegen mij toen of ik het niet wilde overnemen. Ik ben toen begonnen aan de instructeursopleiding brandbestrijding en ontruimen van het NIBHV. En daarnaast heb ik ook de opleiding gedaan voor Oranje Kruis-instructeur met daarbij de opleiding voor instructeur van de Nederlandse Reanimatieraad. Zo heb ik het hele pakket en hoef ik niemand meer in te huren. Ik kan nu alles zelf verzorgen.”

Kon je dat allemaal combineren met je reguliere baan?

“In het begin was ik dat wel van plan: doorgroeien in mijn bedrijf en me bezighouden met al die grote zonnestroomprojecten in de uitvoering. En daarbij wilde ik af en toe een cursus geven. Alleen… in de praktijk was dat lastig. Want die cursus moest ik dan drie maanden van tevoren inplannen in het rooster van mijn werkgever. Dat snap ik wel, want hij kon geen vervanger voor mij regelen, maar voor mij werkte dat natuurlijk niet. Ik heb toen besloten om fulltime voor mezelf te beginnen.”

Was dat geen spannende stap?

“Zeker, het was een gok, maar het heeft goed uitgepakt. In het begin liet ik me inhuren door meerdere opleiders tegelijk om mijn agenda vol te krijgen. Maar momenteel kan ik me beperken tot één opleider. De rest van mijn opdrachten doe ik rechtstreeks voor mijn eigen klanten. Dat laatste bevalt me goed, en het is mijn bedoeling om in de toekomst alleen nog onder mijn eigen bedrijfsnaam te werken. Ik hoop vanaf 2027.”

Waarom is dat werken onder je eigen bedrijfsnaam zo aantrekkelijk?

“Je bepaalt je eigen route, je eigen lesplan. Ik vind het belangrijk dat de cursussen goed zijn voorbereid, dat je bij de klant komt met uitstekend materiaal en dat de cursus van hoge kwaliteit is. En dat heb je alleen maar in eigen hand als je voor jezelf werkt.”

Je verdiept je dus in de klant. Pas je daar je lesprogramma ook op aan?

“Dat probeer ik wel. Stel dat ik een training geef aan mensen uit de groenvoorziening: natuurlijk kunnen die in hun werk ook te maken krijgen met brand en ontruiming, maar hun voornaamste risico’s liggen toch op het vlak van snijwonden en andere ongevallen. Ik probeer mij dus te focussen op wat voor het desbetreffende bedrijf belangrijk is. Aan de andere kant vind ik een onderwerp als ontruiming te belangrijk om te laten vervallen, en probeer ik dat toch aan bod te laten komen in het programma, bijvoorbeeld in de vorm van een tabletop. Dit jaar maak ik bijvoorbeeld gebruik van het BOBR-spel van het NIBHV. Dit pas ik deels aan voor het bedrijf waar de cursus plaatsvindt. Dat maakt mensen bewust van brand- en rookrisico’s, maar dan op een heel aantrekkelijke en actieve manier.”

Wat vind je het leukst aan het werk als bhv-instructeur?

“Het mooiste is natuurlijk als je mensen iets leert dat ze meteen in de praktijk kunnen toepassen. Ik geef ook trainingen aan de jeugdbrandweer in Twente, en daar verzorg ik alle levensreddende handelingen. Recent kreeg een van de jeugdleden, een jongedame van 17 jaar, te maken met een incident. Iemand was op straat aangereden en zij had netjes het hoofd gestabiliseerd tot de ambulance het overnam. Als ik dat hoor, ga ik met extra plezier naar mijn werk.”

Tot slot: hoe verloopt je samenwerking met het NIBHV?

“Dat is een prettige organisatie. Zij nemen daar de tijd voor je. Bij vragen of onduidelijkheden denken zij praktisch mee en als een cursist iets fout heeft gedaan, kun je bij hen terecht. Dan is iemand bijvoorbeeld gelijk begonnen met het examen, zonder eerst de theorie door te nemen in de e-learning. Als ik dan daarover met het NIBHV contact opneem, denken ze altijd goed mee. Dan zorgen we voor een oplossing, zodat de cursist de e-learning na behoren kan afronden. Verder maakt het NIBHV goed duidelijk waar ze voor staat. Ze hebben duidelijke certificeringseisen en daarmee onderstrepen ze dat de nadruk op kwaliteit ligt. Als professioneel hulpverlener vind ik dat essentieel.”

Leave a comment