Skip to content Skip to footer

Instructeur Cemal Em bekijkt bhv door drie verschillende brillen

Veiligheidskundigen, brandweerpersoneel en bhv-trainers: ieder van die groepen bekijkt veiligheid net weer op een andere manier. Dit keer een interview met Cemal Em die al deze disciplines in zich verenigt.

Je bent brandweerman, veiligheidskundige en bhv-trainer. Hoe is dat zo gekomen?

“Toen ik in 1989 emigreerde van Turkije naar Nederland, kwam ik terecht in de scheepsbouw. Dat werk heb ik vijf jaar gedaan, maar toen ik op een dag met collega’s naar huis liep, zeiden ze dat ze een brandoefening gingen doen. Ik was heel verbaasd. Die schepen zijn van staal: wat kan daar nou branden? Maar ze legden uit dat we ook een kantoor hadden en dat daar allemaal brandbare spullen staan. Daarmee was mijn interesse gewekt, en ik meldde me eerst aan bij de bedrijfsbrandweer en later bij de vrijwillige brandweer. Je moet weten: dat is een soort kweekvijver voor de beroepsbrandweer. In 1994 begon ik met de officiële opleiding en vanaf 1997 zit ik bij de beroepsbrandweer.”

Toen wist je waarschijnlijk meer van brand dan de gemiddelde bhv’er. Maar hoe zat het met het EHBO-gedeelte?

“In de jaren 90 zat er heel weinig EHBO in de leerstof van de brandweer, en dat vond ik jammer. Je haalt mensen uit brandende gebouwen en je bent vaak als eerste ter plaatse bij verkeersongevallen. Die slachtoffers zijn er meestal slecht aan toe, maar ik kon niet meer doen dan wachten tot de ambulance arriveerde. Dus heb ik me aangemeld bij de EHBO-vereniging Dordrecht. Dat was een heel leuke groep mensen die het geweldig vonden om anderen te helpen. Dat sprak mij enorm aan.”

Maak je tijdens je bhv-cursus gebruik van je kennis en ervaring als brandweerman?

“Nee, daar probeer ik voor te waken. Een bhv’er is er niet om grote branden te blussen. Maar aan de andere kant: omdat ik brandweerman ben, kan ik ook training geven aan First Responders. Dat zijn een soort bhv’ers, maar zij kunnen wel gebruikmaken van adembescherming. Als ze bijvoorbeeld in een chemisch bedrijf te maken krijgen met een lekkage en er ligt iemand op de grond die te redden is, dan kunnen ze ingrijpen. Bij die ademlucht zit wel een medische keuring en een extra opleiding. Je moet weten hoe je zo’n toestel moet omhangen, hoe je ermee moet omgaan en je moet iets snappen van de looptechnieken met en zonder zicht.”

Cemal Em: “Je ziet bij bedrijven enorme verschillen op bhv-gebied.”

Vind je dat de leukste training om te geven?

“Niet alleen. Ik vind het gewoon geweldig om alles over veiligheid over te dragen aan anderen, zeker als je het resultaat ziet. Ik had een keer een jonge gast in mijn groep die het heel goed deed. Kort na de les over reanimatie stond hij op de markt en naast hem viel iemand op de grond. En wat denk je? Mijn cursist startte gewoon met reanimeren en het slachtoffer werd op tijd naar het ziekenhuis gebracht. ‘Het was eigenlijk heel simpel’, vertelde de jongen later. ‘Ik heb gewoon precies gedaan wat jij had uitgelegd.'”

Volgde die jongen jouw eigen programma, of de letterlijke leerstof van Het Oranje Kruis en het NIBHV?

“Dit ging om mijn basisopleiding en dan houd ik me volledig aan de voorgeschreven lesstof. Dat is geen probleem, want daar sta ik ook achter. Maar als het gaat om herhalingen, vul ik het programma vaak zelf in. Negen van de tien keer doen we dan scenariotrainingen en de bijbehorende elementaire handelingen. Ik laat een lotus-slachtoffer meedoen, of mensen in de groep moeten een bepaalde rol spelen. De rest kan dan in de praktijk brengen wat we hebben geleerd. Dan spelen we bijvoorbeeld dat er een stelling is omgevallen en dat mensen gewond zijn geraakt. Dan kun je ook meer de diepte in.”

De diepte in, wat bedoel je daar precies mee?

“Een goed voorbeeld is die omgevallen stelling. Stel, je behandelt als bhv’er een van de slachtoffers. Die heeft een lelijke wond aan haar hand, dus die probeer je te verbinden met een drukverband. Prima natuurlijk, maar stel dat het slachtoffer je steeds bestookt met die ene vraag: ‘Wat was ook alweer je naam?’ Dan moet je je misschien niet 100 procent concentreren op die hand. Want weet je zeker dat ze bij het ongeval geen hersenletsel heeft opgelopen? Dat is een mooi scenario om mee te oefenen. Bhv’ers zijn heel vaak gefixeerd op de wonden of de vlammen die ze zien.”

Worden die trainingen georganiseerd op locatie?

“Negen van de tien keer wel, ja. Die bedrijfsgebonden trainingen zijn mijn specialisme. Daarmee kun je de training afstemmen op de precieze risico’s. Als veiligheidskundige ben ik natuurlijk altijd benieuwd naar de risico-inventarisatie en -evaluatie.”

Je komt dus bij veel bedrijven over de vloer. Wat vind je van het niveau van de bhv in Nederland?

“Dat is heel wisselend. Om te beginnen zie je enorme verschillen tussen bedrijven: de ene werkgever is echt met veiligheid bezig, maar een ander zoekt naar het minimum: ‘Ik stuur mijn bhv’ers alleen op training voor het certificaat.’ Daarnaast zie je ook verschillen tussen regio’s. Neem het havengebied, daar is het kennisniveau gewoon enorm hoog omdat je te maken hebt met grote risico’s. In andere gebieden is dat niveau vaak lager. Nee, namen ga ik niet noemen.”

En wat doe je als je bij een bedrijf komt waar het veiligheidsbewustzijn niet zo goed is ontwikkeld?

“Dan plan ik eerst een gesprek met de directie, en die laat ik zien waarom bhv wel degelijk nuttig is. Als ik dan nog steeds weerstand ontmoet, maken we een rondje door het bedrijf. Vaak zien we dan al allerlei onregelmatigheden: nooduitgangen die zijn geblokkeerd of brandwerende deuren waar de drangers van zijn verwijderd. En ik laat natuurlijk zien wat voor gevolgen dat kan hebben. Dan merk je vaak dat de directie toch enthousiaster wordt.”

Tot slot, hoe verloopt de samenwerking met het NIBHV?

“Die is heel goed. Ik heb bij het NIBHV een eigen portaal en daar maak ik cursussen en examens aan. Die samenwerking brengt ook duidelijkheid: wij weten wanneer we welke cursus moeten geven en de eindgebruiker weet dat de trainer is gecertificeerd. En als er iets niet goed gaat? Dan zijn ze ook nog eens goed bereikbaar, dus we kunnen alles gemakkelijk met elkaar afstemmen.”

Leave a comment